Met ingang van 1 januari 2022 is het nieuwe woonplaatsbeginsel van kracht.

 

Het nieuwe woonplaatsbeginsel kent als woonplaats van een jeugdige de gemeente waar de jeugdige staat ingeschreven volgens het BRP. Dit geldt voor de ambulante zorg. Voor zorg met aaneengesloten verblijf al dan niet i.c.m. ambulante zorg geldt waar de jeugdige stond ingeschreven direct voorafgaand aan de zorg met verblijf. In de bijgevoegde factsheet wordt een uitleg gegeven over het aansluitend verblijf.

 

Deze nieuwe spelregels omtrent het nieuwe woonplaatsbeginsel hebben gevolgen voor de administratieve processen van gemeenten en zorgaanbieders. Een direct gevolg kan ook zijn dat jeugdigen “administratief” verhuizen naar een andere gemeente.

 

Door het Ketenbureau I-sociaal Domein is een landelijke routekaart opgesteld voor de te volgen stappen. Deze routekaart is bijgevoegd en houdt in het kort in dat als eerste de jeugdige in kaart moeten worden gebracht die op dit moment een toewijzing hebben voor verblijf op en na 31 december 2021. In de periode april-juni 2021 zal voor deze groep door de gemeenten bepaald moeten gaan worden wat de woonplaats was volgens het BRP direct voorafgaand aan het aaneengesloten verblijf, dit is eventueel inclusief ambulante zorg. In de periode juli-december 2021 zal deze groep jeugdige, indien van toepassing, administratief verhuisd moeten gaan worden èn er zal voor de nieuwe instroom van jeugdige nieuwe processen ingeregeld moeten gaan worden.

 

Meer informatie over het nieuwe woonplaatsbeginsel is te vinden op de website van het Ketenbureau I-Sociaal Domein. 22 juni a.s. wordt een webinar implementatie woonplaatsbeginsel gehouden door het Ketenbureau I-Sociaal Domein. Hiervoor kan je je nog aanmelden.

 

Let op! De bijgevoegde documenten zijn (nog) niet definitief. Deze kunnen door veranderende inzichten aangepast worden.